FBol

Medewerkers van het kabinet van de toenmalige gedeputeerd afgevaardigde van de staat Rio de Janeiro, Flávio Bolsonaro, stapten maandelijks naar de bank om er geld af te halen in cash. Een deel van dat geld werd overhandigd aan een vertrouwensman van de parlementair die het gebruikte om er, onder meer, privé uitgaves van de oudste zoon van de president mee te betalen. Volgens het openbaar ministerie van Rio de Janeiro kan dit omschreven worden als geldverduistering, een praktijk die in Brazilië bekendstaat als ‘rachadinha’. De straf voor deze praktijk kan oplopen tot 12 jaren opsluiting.

Eveneens volgens het openbaar ministerie, was Flávio niet de enige. De fraude werd door minstens 21 andere parlementairen van de provincieraad toegepast, verbonden aan diverse politieke partijen, van de PT tot de PSOL. Berekeningen wijzen uit dat er op die manier miljoenen reais weggesluisd werden uit de schatkist van de overheid.

Het ergste is dat – ondanks een overvloed aan bewijzen – er niets zal gebeuren met de betrokkenen. Vorige week besloot het 2de panel van het hooggerechtshof STF dat het openbaar ministerie van Rio de Janeiro een reeks onregelmatigheden beging in de lengte van het onderzoek. Met 3 stemmen tegen 1 besloten de ministers dat Flávio het onderwerp was van een clandestien onderzoek door de procureurs, verzegelde informatie doorbraken zonder gerechtelijke toestemming en het feit negeerden dat de zoon van de president destijds gedeputeerd afgevaardigde was, aldus rechthebbende op het zogenaamde ‘foro privilegiado’ (parlementaire onschendbaarheid). Omwille van die laatste regel kon hij niet het mikpunt zijn van de opheffing van verzegelde informatie en huiszoekingen, bevolen door een rechter van de 1ste instantie, wat hier wel gebeurde. Eigenlijk kon dat in zijn geval enkel opgelegd worden door een groep van ‘desembargadores’ (rechters) van de 2de instantie. De beslissing van het STF begraaft de zaak.

Hierdoor viel er een gewicht van de schouders van de huidige senator Flávio, maar niet alleen bij hem. De ‘rachadinha’ affaire bij Alerj (Assembleia Legislativa do Estado do Rio de Janeiro) werd een steen in de schoen van de regering Bolsonaro. De president werd verkozen met het argument dat hij zou strijden tegen de corruptie, maar dat huisje begon geleidelijk in elkaar te storten naarmate de vordering van het onderzoek. De geloofwaardigheid van Bolsonaro schrompelde in elkaar.

Ex-rechter Sérgio Moro wijst erop in zijn pas verschenen boek “Contra o sistema da corrupção” dat Bolsonaro de regering gebruikte om zoon 01 te blinderen door politieke druk uit te voeren, en door belangrijke projecten in de strijd tegen de misdaad links te laten liggen: “Een staatsman is verplicht om het land te leiden, denkend aan het algemene welzijn, en niet om zijn zoon of eender welk familielid te beschermen voor de letters van de wet”, zo schrijft Moro. Indien de president handelde in dat laatste opzicht, dan slaagde hij daar wonderwel in.

Nog voor de beslissing van het STF wist Flávio al andere overwinningen te behalen via het STJ (Superior Tribunal de Justiça) dat belangrijke delen van het onderzoek onderuit haalde, zoals boodschappen via in beslag genomen smartphones die bewijzen aanleverden over de bedragen die op deze manier verduisterd werden, bewijzen van bankverrichtingen tussen de betrokkenen en gesprekken die wezen op de deelname van de advocaat van de familie Bolsonaro, Frederick Wasseff, in een actie waarbij ex-politieman en raadgever van Flávio, Fabrício Queiroz, verborgen werd. Queiroz was de man die de “bijdrages” van al die medewerkers van de raad bij elkaar verzamelde om er persoonlijke uitgaves van de huidige senator mee te betalen.

Flávio schreef via een sociaal netwerk: “Na een illegaal onderzoek van bijna drie jaar, werd er niets gevonden tegen mij, ondanks diverse lafheden, foute informatie en een lange reeks willekeurige argumenten. Uiteindelijk zegeviert het gerecht. De vervolging, ingezet door enkele leden van het geëerde openbaar ministerie van Rio de Janeiro, in een poging om president Bolsonaro te raken, kwam tot een einde”.

De afloop van de affaire produceert andermaal een van die ironische bestemmingen van het lot. In april annuleerde het STF de processen tegen ex-president Lula, die aangehouden werd na veroordeeld te zijn wegens corruptie. Ondanks de bewijzen, getuigenissen en documenten die wijzen op de deelname van de PT-leider in het corruptieschema van Petrobras, besloten de ministers dat die processen niet mochten uitgevoerd worden door het gerecht van Curitiba. o.l.v. rechter Sérgio Moro, maar wel door een federale rechtbank van het federaal district. Noch Flávio, noch Lula werden vrijgesproken door het gerecht, zoals hun aanhangers graag verkondigen. Beiden genieten van gerechtelijke dwalingen, fouten in het proces. Het is wel eigenaardig dat Lula zowel als Bolsonaro nu in het kiesdebat beschikken over gelijkaardige wapens, zowel om zichzelf te verdedigen als om elkaar aan te vallen.

Bron: Veja

Foto: Wilson Dias - ABr