BolsoAbrasel

President Bolsonaro zit echt niet verlegen om een drastische uitspraak. Vorige zondag zei hij dat hij dat hij “zin had om een reporter een klap tegen zijn kop te geven” na een vraag over het waarom van een storting van R$ 89.000 voor zijn echtgenote Michelle door een voormalige adviseur van zijn zoon, vandaag senator Flávio. Een dag later, tijdens de plechtigheid “Encontro Brasil vencendo a covid-19” (samenkomst Brazilië overwint covid-19), klopte hij zichzelf op de borst, zeggende dat hij dankzij zijn atletisch verleden een besmetting met covid-19 zonder ernstige gevolgen doorstond, iets wat zeker niet het geval zou zijn voor een “bundão van de pers die minder kans heeft om de ziekte te overleven”.

Het scheldwoord “bundão” (onnozelaar – letterlijk groot achterwerk) werd hier gebruikt in de betekenis van een zekere lafheid. De president is namelijk van mening dat de bevolking de pandemie met de nodige moed en dapperheid moet doorstaan, en dat het normaal is dat er slachtoffers vallen. Hij staat er geen moment bij stil dat er inmiddels al meer dan 116.000 Brazilianen overleden aan covid-19, 116.000 “bundões”?

Gisteren woonde hij een evenement bij van Abrasel (Associação Brasileira de Bares e Restaurantes) in Brasília, waar hij tijdens een toespraak de tewerkstelling van kinderen verdedigde. Kinderarbeid is verboden via het ECA (Estatuto da Criança e do Adolescente). Op een kritische toon zei hij dat “minderjarigen wel een straatsteen aan crack mogen oproken, maar niet arbeiden”:

“Leuke tijden nietwaar? Waarin minderjarigen nog mochten werken. Vandaag mogen ze allesbehalve werken, maar wel een ganse straatsteen oproken aan crack, zonder enig probleem”. Het evenement werd live uitgezonden en voorgesteld door de voorzitter van Abrasel, Paulo Solmucci, als een onderhoud tussen de president en barhouders.

Bolsonaro zei tegen de uitbaters van bars en restaurants, die hulp vragen aan de regering omwille van de crisis, veroorzaakt door de pandemie, dat hij vanaf zijn tiende in een bar werkte, op bevel van zijn vader. De aanwezigen applaudisseerden tijdens zijn verhaal.

“Mijn eerste job, uiteraard zonder werkboekje, ik was toen 10 jaar, was in de bar van meneer Ricardo in Sete Barras – Vale do Ribeira (São Paulo). Ik studeerde in de voormiddag en hielp in de bar van 14h tot 18, 19h ’s avonds. Er waren altijd weinig klanten. Zij die van een drankje houden komen meestal wat later. Ik werkte daar, mijn vader stuurde me ernaar toe”.

Het ECA, van toepassing sinds 1990, legt een verbod op tot werken aan kinderen tot 16 jaar, met uitzondering vanaf 14 jaar als leerling. Bolsonaro geeft al jaren kritiek op deze wetgeving. Bij eerdere gelegenheden betoogde hij al dat kinderen en adolescenten best kunnen werken, bij wijze van “veredeling”.

De federale regering beschikt echter over diverse programma’s en acties om de tewerkstelling van kinderen te bannen. Brazilië verbond zich bij de Verenigde Naties om een einde te maken aan de illegale uitbuiting van kinderen tegen 2025. De arbeidrechtbank en het openbaar ministerie, naast diverse andere entiteiten, doen mee aan internationale initiatieven om een einde te maken aan dergelijke illegale praktijken. Het is bekend dat het vroegtijdig tewerkstellen van kinderen hun rechten schendt, en de fysieke, intellectuele en psychologische ontwikkeling van minderjarigen in het gedrang brengt.

Bron

Foto: Carolina Antunes - PR