MendoncaBolso

Op de inmiddels beruchte ministeriële bijeenkomst van 22 april bekritiseerde president Jair Bolsonaro luid het ontbreken van een “betrouwbare inlichtingendienst”. Zijn bedoeling, zoals hij duidelijk maakte, was om zichzelf en zijn gezin te beschermen, dat steeds meer betrokken was bij politieonderzoeken. In zijn nieuwe fase, gekenmerkt door de herschikking van de bevoegdheden en het openlijk opgeven van de strijd tegen corruptie, handelt de president in stilte om een ​​privé-informatiedienst op te richten, gefinancierd door de belastingbetaler, met het duidelijke doel heeft om tegenstanders te volgen en te intimideren.

Bij de Braziliaanse inlichtingendienst (Agência Brasileira de Inteligência – Abin) ondertekende de president een decreet waarbij het “Centro de Inteligência Nacional” werd opgericht, met een kader van 17 mensen. Het aantal werknemers werd verhoogd en de opleiding van leken werd mogelijk gemaakt. In de praktijk doet dit afbreuk aan de constitutionaliteit van Abin, die een inlichtingendienst van de staat zou moeten zijn, en stelt het open voor privégebruik, waarbij het de belangen van de staatsleider dient. De directeur van Abin is Alexandre Ramagem, sterk verbonden aan de Bolsonaro-clan, die centraal stond in het onderzoek naar de inmenging van de president in de federale politie (PF). De president wilde hem benoemen tot de leiding van de PF, een initiatief dat werd tegengehouden door het Federale Hooggerechtshof (STF).

Ook het ministerie van Justitie is betrokken bij de acties van de president om zijn “privé-Gestapo” op te richten. Het Secretariaat van geïntegreerde operaties “Seopi (Secretaria de Operações Integradas), opgericht door ex-minister Sérgio Moro om de verschillende organen in de strijd tegen de georganiseerde misdaad te verenigen, begon zich te wijden aan het politieke toezicht van “antifascisten”. Dat is enigszins ironisch omdat hieruit de logische conclusie volgt dat het ministerie sympathie heeft voor het fascisme. Er werd een geheime lijst gecreëerd van 579 leerkrachten en politieagenten, met hun foto’s en adressen op de sociale netwerken. Dat materiaal werd gedeeld met het kabinet van de stafchef, de inlichtingendienst van de strijdkrachten en de federale politie. Een van de doelwitten is Paulo Sérgio Pinheiro, de oprichter van de Arns Commissie (mensenrechten), vandaag relator van de Verenigde Naties voor de situatie van de mensenrechten in Syrië. Antropoloog Luiz Eduardo Soares, eveneens opgenomen in het clandestiene dossier, zegt dat het “opnieuw in leven roepen van de oude SNI (Serviço Nacional de Informações – tijdens de militaire dictatuur) niet langer een droom is van Bolsonaro, maar een nachtmerrie voor de Braziliaanse samenleving”.

Er kwamen onmiddellijk reacties. Minister van Justitie André Mendonça (boven naast president Bolsonaro), de opvolger van Sérgio Moro, deed een poging om een schandaal te vermijden. Hij kondigde de opening aan van een onderzoek en verwijderde de verantwoordelijke, kolonel Gilson Mendes, van zijn taak. Mendonça werd uitgenodigd door het parlement om toelichting te komen geven voor de gemengde commissie voor de controle van de activiteiten van inlichtingendiensten. Kamervoorzitter Rodrigo Maia: “Het is aan de minister om zich te verantwoorden tegenover de samenleving. Volgens mij verslechtert de situatie van het ministerie en de minister met de dag”, zo verklaarde hij. Het Hooggerechtshof stuurde een verzoek naar de procureur-generaal om een onderzoek in te stellen, op basis van een klacht die ingediend werd door een advocaat. Minister Cármen Lúcia van het hof is de relator van een actie die opgestart werd door de partij Rede Sustentabilidade waarbij vragen gesteld worden over de grondwettelijkheid van het initiatief door Seopi. Voor haar betekent de informatie “een gedrag dat onverenigbaar is met de meest fundamentele democratische principes van de rechtsstaat”.

Met de vooruitgang die geboekt wordt in het fake news onderzoek en de antidemocratische aanvallen tegen het Hooggerechtshof, wordt het duidelijk dat de digitale armen van de ideologische machine van Bolsonaro zich verder uitstrekken. De minister van Justitie kwam in eigen persoon tussenbeide om de mensen die in de maand mei onderzocht werden, te verdedigen. Hij kwam op de proppen met een habeas corpus verzoek om de “vrijheid van meningsuiting” te verdedigen. De belangrijkste begunstigde was de voormalige minister van Onderwijs Abraham Weintraub, maar ook extreemrechtse activiste Sara Winter, en blogger Allan dos Santos die het land verliet. Een van de voornaamste leden van het zogenaamde “haatkabinet” is Tércio Tomaz, een raadgever van de president. Het netwerk dat nepnieuws verspreidde en aanvallen op tegenstanders van de president lanceerde, werd door o.m. Facebook ontmaskerd die de informatie aan de federale politie bezorgde. Minister Alexandre de Moraes (STF) verplichtte Facebook om ook berichten te blokkeren die vanuit buitenlandse servers in Brazilië gepubliceerd werden.

Persoonlijke bewaking

Met zijn inlichtingen apparaat probeert president Bolsonaro zijn voorganger Getúlio Vargas te imiteren die een persoonlijke bewakingsdienst instelde tijdens de Estado Novo (Nieuwe Staat – autoritair regime tussen 1937 en 1945), georganiseerd door zijn broer Benjamin. De dienst kwam terug in 1951 toen de dictator weer aan de macht kwam, in 1951, o.l.v. de beruchte Gregório Fortunato. Hij bezegelde het politieke lot van Getúlio voor zijn betrokkenheid bij het bombardement op Rua Toneleros, waarbij majoor Aviator Rubens Vaz en de gewonde journalist Carlos Lacerda omkwamen. De dienst begon met 20 leden, een aantal dat opliep tot 83. De leden werden gerekruteerd bij de burgerlijke politie en de dienst kon beschikken over speciale fondsen van het federale departement voor publieke veiligheid.

Bijna zeventig jaren later zorgde de huidige president voor een persoonlijke clandestiene virtuele militie, probeerde zijn eigen mensen te plaatsen bij de federale politie en een privé spionagedienst op te richten. De autoritaire acties van de president staan in tegenstelling met de democratische orde, en kunnen veel schade toebrengen aan het land indien ze niet ingeperkt worden door de maatschappij.

Bron

Foto: Marcos Corrêa - PR