Madeira-Illegal

Het nieuws van de jongste weken stond bol van berichten over het milieubeleid van de huidige (en voorgaande) regering(en), de stijging van het aantal brandhaarden, de kritiek vanuit binnen- en buitenland, uitspraken van leiders van andere landen, ruzie met de Franse president, een schouderklop van zijn Amerikaanse collega op de rug van de Braziliaanse president, kortom Brazilië staat andermaal centraal in een polemiek waarbij de ene zegt “Afblijven, Amazônia is van ons” en de andere “Het is welletjes geweest, wij hebben ook recht op al dat groen, een werelderfgoed”. Al die branden hebben verschillende oorzaken, maar vrijwel iedereen is het er over eens dat de illegale houtkap, de ontbossing van al die rijkdom, een van de belangrijkste oorzaken is van al die ellende. Het is niet eenvoudig om mannen te vinden met kettingzagen die hun zonden willen opbiechten, maar de krant Estadão wist er eentje te vinden.

Valter Costa Ribeiro Filho, de eigenaar van een houtzagerij in Apuí in de staat Amazonas, werd bereid gevonden om uitleg te geven over de illegale houthandel. De schuld van dit alles ligt volgens hem bij de controlerende overheidsorganen die zo corrupt zijn als de pest.

Valter werd op 25 april van dit jaar opgepakt door de federale politie in zijn woning in Apuí, een regio die in de jongste jaren gezien werd als de nieuwe grens van de ontbossingen, en waar er het meeste brandhaarden vastgesteld werden van de deelstaat Amazonas. Zijn arrestatie kaderde in de operatie Arquimedes waarbij illegale houtkap en dito verkoop onderzocht worden. In totaal werden er op die dag 33 mensen opgepakt.

Valter werd beschuldigd van 11 misdaden m.b.t. illegale houthandel in Amazonas, en werd overgebracht naar de stad Manaus waar hij 22 dagen in de cel zat. De rechter liet hem daarna vrij, maar wel met een enkelband aan zijn been. Zijn houtzagerij, waarin hij 6,5 miljoen reais investeerde (naar eigen zeggen), is sindsdien gesloten.

Tegen de reporters van de Estadão zei hij dat het vandaag onmogelijk is om handel te drijven in hout op een manier die 100% correct is, dit omwille van de corruptieschema’s waarbij smeergeld moet betaald worden om in beslag genomen hout weer vrij te krijgen. Het gaat hier om Ibama (Instituto Brasileiro do Meio Ambiente e dos Recursos Naturais Renováveis) en Ipaam (Instituto de Proteção Ambiental do Amazonas), respectievelijk federaal en op deelstaatniveau. Beide instituten weigerden om commentaar te geven op de uitspraken van Valter.

Deze verklaart dat hij altijd handelde binnen de wet, maar slechts voor 70%, iets wat hij al bestempelt als een mirakel. De oorzaak hiervan ligt volgens hem bij problemen die veroorzaakt worden door het systeem DOF (Documento de Origem Florestal, elektronisch verkrijgbaar via Ibama), een verplichte licentie die houthandelaars nodig hebben om het transport en de opslag van hout aan te tonen.

Valter zegt dat het gebied dat Incra (Instituto Nacional de Colonização e Reforma Agrária) ter beschikking stelt, onvoldoende is om het toegewezen bosgebied te beheren. De landeigenaar maakt een plan op tot beheer, maar voegt er 30% aan toe, clandestien hout, volgens hem een praktijk die door iedereen toegepast wordt. Sommigen voegen 80% illegaal hout aan toe. Er bestaat geen alternatief, zo vindt hij.

Hijzelf hield zich altijd aan 30% extra, maar beweert dat hij het hem toegewezen stuk woud goed beheerd werd, inclusief het inzetten van een bioloog. De economische crisis nekte hem, en er kwam een gebrek aan werkkapitaal.

In 2014 werd een vrachtwagen van hem in beslag genomen door Ibama, en hij ging niet akkoord met de betaling van R$ 30.000 aan steekpenningen om het hout weer vrij te krijgen. Volgens Valter ging het niet alleen om hem, maar om diverse collega’s waarbij het idee was dat elk van hen R$ 3.000 zou bijdragen om het probleem op te lossen. Dat lukte niet.

Het ging van kwaad naar erger. Een van zijn vrachtwagenbestuurders werd gearresteerd en zijn bedrijf werd stilgelegd, dit na het vinden van 19 kubieke meters rood cederhout die geen deel uitmaakte van de hoeveelheid hout die hij wettelijk gezien mocht kappen.

De controleur van Ibama wist hij tenslotte af te kopen met R$ 11.000, maar dat loste zijn probleem niet op. Ook Ipaam zat hem achter de veren nadat hij een revisie aanvroeg van het plan van beheer van het hem toegewezen terrein.

Of hij zich schaamt na alles wat er gebeurde?

Neen. Valter is wel beschaamd omwille van de corruptie in de sector waarin zoveel bandieten zitten dat er geen kans bestaat dat de handel 100% wettelijk kan bestaan, tenzij de corruptie uitgeroeid wordt.

Is het wel logisch dat hij vraagt om meer controle, maar tegelijk toegeeft dat hij met 30% illegaal hout werkte?

Ja zegt Valter, “dat is goed voor het woud, voor de gemeente, de deelstaat, het land. Maar er moet meer controle komen. Zonder die controle zal de houthandelaar blijven doorgaan op een illegale manier. Wie gecontroleerd wordt, doet niets verkeerd. Mocht ik het gewild hebben, dan was ik vandaag een succesvolle ondernemer, net zoals 90% van de houthandelaars”.

En hoe doen die dat dan?

Valter: “Ze openen een bedrijf op naam van een stroman, zoeken een werkman en bieden hem R$ 150.000 aan om het bedrijf op zijn naam te zetten. Indien nodig zorgen ze ook voor een advocaat die hem verdedigt. Uiteraard neemt die man dat aan. Dit alles is mogelijk omdat er te weinig gecontroleerd wordt”.

Bron

Foto: YouTube