Lula-Fidel

Het tijdschrift Veja publiceert in zijn nieuwste uitgave meer details over de internationale roofpartijen van de PT, gebaseerd op de getuigenissen van ex-minister Antonio Palocci in het kader van het gerechtelijk akkoord dat hij afsloot met de federale justitie. Het gaat om werken die toegewezen werden aan grote Braziliaanse bedrijven, in Ghana, Venezuela, Cuba en Angola. Lula maakte de afspraken met de buitenlandse autoriteiten en stuurde de rekening naar de BNDES. In ruil voor een ‘vrienden intrestje’ en toegang tot de buitenlandse markten, zorgden de Braziliaanse aannemers voor het vullen van de kas van de arbeiderspartij met smeergeld door overfacturatie.

Zelfs vooraleer er contracten ondertekend werden, wist men al dat sommige van de bevriende regeringen hun rekening niet zouden (willen of kunnen) betalen. Wie betaalde dan wel tot nog toe? De Braziliaanse belastingbetalers. Sommige projecten werden niet eens afgewerkt. De winsten gingen wel naar de aannemers, en naar de PT.

Mensen die toegang hebben tot de bekentenissen van Palocci en geïnterviewd werden door Veja, zeggen dat zijn getuigenis de ontbrekende stukken van de puzzel invult omtrent de internationale werken, gefinancierd door de BNDES, ook al ontbreken er nog bepaalde bewijzen. Palocci was zelf een belangrijke pion in het schema, sprak destijds met de betrokken aannemers, vertelde hoe de bevelen van Lula doorgegeven werden, en wat de juiste verhouding was tussen de kost van de projecten, en het percentage dat aan steekpenningen moest besteed worden. Volgens de reportage van Veja factureerden die aannemers tussen 2010 en 2014 meer dan 10 miljard reais, en betaalden een totaal van 489 miljoen reais smeergeld aan de arbeiderspartij.

Lula-Angola

Het BNDES schema was complex en verschilde van wat er gebeurde in het mensalão schandaal en bij Petrobras. Deze operaties waren voorbehouden voor de top van de partij. Alles begon met een bezoek van Lula aan de leiding van een bevriend regime, zoals de Angolees José Eduardo dos Santos (foto), of John Kufuor, de president van Ghana. Met hen werd een akkoord afgesloten voor financiële hulp, gevolgd door afgevaardigden van het clubje aannemers (Odebrecht, Queiroz Galvão, Andrade Gutierrez, OAS) die de kabinetten van de buitenlandse autoriteiten afdweilden, geholpen door Itamaraty (Ministerie van Buitenlandse Zaken), dit om contracten af te sluiten, gefinancierd door de BNDES. Die financieringen werden persoonlijk goedgekeurd door de voorzitters van deze investeringsbank, Guido Mantega, later Luciano Coutinho. Een deel van dit schema werd reeds bevestigd in andere gerechtelijke akkoorden, via bekentenissen van Marcelo Odebrecht en Otávio Marques de Azevedo, van Andrade Gutierrez.

Van het totaal van R$ 489 miljoen smeergeld, betaald aan de partijtop van de PT tussen 2009 en 2014 (het jaar dat Dilma opnieuw verkozen werd), kwam R$ 364 miljoen van Odebrecht. Het volledige verhaal staat hier te lezen, met alle smeuïge details (Portugees), meer dan wat hier te lezen staat. Het ontbreekt echter aan de nodige bewijzen, een absolute voorwaarde opdat Palocci zou kunnen genieten van de fraaie kant van zijn biecht tegenover de gerechtelijke instanties. De toekomst zal uitwijzen of hij de waarheid spreekt, ofwel louter mikt op eigen voordeel. De laatste paragraaf van het artikel in Veja willen we u echter niet onthouden:

De appetijt van Odebrecht werd zo groot dat het Palocci begon te irriteren. Ondanks dat hij de officiële schatbewaarder was voor de campagne van Dilma Rousseff, was het Paulo Bernardo (echtgenoot van partijvoorzitster Gleisi Hoffmann), minister van planning onder Lula, die Marcelo Odebrecht opzocht in 2011 om 64 miljoen reais op te eisen m.b.t. de overeenkomst die afgesloten werd met Angola. Palocci zei dat hij het beu was om te zien hoe Odebrecht het monopolie opeiste omtrent werken in dat land, en dat hij andere aannemers een groter stuk van de koek beloofde in Angola. Hij wist echter niet dat die strijd al verloren was. In de laatste dagen van december 2010, toen Lula zijn koffers pakte in het presidentiële paleis, ontving Emílio Odebrecht van zijn zoon Marcelo, een lijst van onderwerpen om te bespreken met de president. Emílio moest het hebben over diverse contracten, en over de voortzetting van de steun aan het bedrijf. Emílio beloofde dat de “vriendschap” behouden zou blijven. Op dezelfde avond werd een akkoord afgesloten van R$ 300 miljoen voor de verkiezing van Dilma Rousseff, het grootste deel daarvan via “Caixa Dois”. De internationale steekpenningen, zoals nu bekend, waren belangrijk om deze “vriendschap” meer solide te maken, en lucratiever.

Enkele voorbeelden

Lula-GhanaLula samen met John Kufuor, de president van Ghana.

Ghana – Aanleg van een weg – 240 miljoen dollar – Afgewerkt – 1% steekpenningen – Andrade Gutierrez en Odebrecht – Het land betaalde alles terug.

Mozambique – Luchthaven van Nacala – 125 miljoen dollar – Afgewerkt – Steekpenningen: een deel van een pakket van R$ 300 miljoen – Odebrecht – 95% (118 miljoen dollar) van de afbetalingen zijn vervallen zonder dat het land betaalde.

Nicaragua – Waterkrachtcentrale van Tumarin – 512 miljoen dollar – Het werk is niet eens begonnen – Overfacturatie van 10% – Queiroz Galvão en Eletrobras – Het contract werd geannuleerd, met een verlies van R$ 44 miljoen voor Eletrobras.

Cuba – Haven van Mariel – 656 miljoen dollar – Nog steeds onder constructie – Steekpenningen: een deel van een pakket van R$ 300 miljoen – Odebrecht – 7% van de afbetalingen (US$ 48 miljoen) vervielen zonder betaling.

Bron

Foto's: Valter Campanato - Antonio Milena - Agência Brasil
Ricardo Stuckert - Instituto Lula